Tussen essentie en ego
Leestijd: 4 minuten
Je ware Zelf – oftewel je essentie – kennen is hel(p)end. Toch betekent het niet dat je altijd vanuit je essentie, als ‘een verschijning in bewustzijn’, moet leven. In de illusie van het dagelijks leven heb je veruit het meest aan de ego-versie van jezelf. Oftewel degene die je aan de buitenwereld presenteert, inclusief labels, rollen, identiteit en overlevingsmechanismen.
De reden is eenvoudig: zonder het ego en zelfbewustzijn voel je geen behoefte om jezelf in leven en veiligheid te houden en zou je jezelf niet ontwikkelen. Daarbij zou je zonder fysieke eigenschappen geen aandrang krijgen om te ademen, te eten of je aan te kleden. Kortom, je zou niet kunnen bestaan. Het is ook niet verkeerd om vanuit het ego te handelen. In de praktijk kunnen we nu eenmaal niet functioneren vanuit ‘alles is liefde’ en ‘alles is één’. Dat laatste is vooral zinvol op momenten waarop het leven je onderuithaalt en je alles weer in perspectief wilt plaatsen.
Als het ego de deur opendoet
Gisteren belde een mooi praktijkvoorbeeld aan. Meestal als de deurbel klinkt, is het een afspraak uit mijn werkagenda of een pakketbezorger. Ik verwachtte geen van beide. Met enige argwaan deed ik open en zag een grote man met forse wenkbrauwen, scherpe gelaatstrekken en een ietwat onvriendelijk voorkomen. Het type dat perfect gecast zou kunnen worden voor de slechterik in een B-film. Meestal laat ik mij daar niet door leiden, maar ditmaal stond ik toch op scherp. Het was immers non-verbaal al duidelijk dat hij wat van mij moest.

Mijn vermoeden werd bevestigd toen hij mij een soort identiteitskaart om zijn nek toonde en zichzelf aankondigde met onverstaanbare naam en “I am from Iran”. Mensenrechten, las ik met een vluchtige blik op het kaartje. Vast heel nobel als het echt is, maar wie zegt mij dat hij geen oplichter is? Ik betrapte mezelf onmiddellijk op mijn eigen vooroordelen, maar mijn ego gaf niet op. Het plantte de gedachte “je hoort de gekste verhalen tegenwoordig” in mijn brein om mijn wantrouwen te voeden en vooral ook te rechtvaardigen.
Vooroordelen of veiligheid?
Toegegeven, ik heb mezelf al vaker afgevraagd wat zo’n pasje aan een smoezelig nekkoord waard is, als er weer eens een gladde praatjesmaker aan de deur komt of me tackelt als ik nietsvermoedend de supermarkt uitloop. Je hoeft echt geen Photoshop-genie te zijn om zelf iets in elkaar te flansen met een pasfoto. Het zegt helemaal niets. Bovendien kun je zo’n identiteit ook niet zomaar in een paar tellen controleren.
In een fractie van een seconde volgde nog een reeks gedachten:
- “Als er wat gebeurt, hoort niemand mij.”
- “Dit is misschien net als die man vorig jaar.”*
- “Deur-aan-deur is niet alleen een bekende methode voor oplichting, vrijwilligers van hulporganisaties zijn vaak erg goed in emotionele manipulatie; even geen zin in.”
- “Het is toch ook niet meer van deze tijd?”
Genoeg reden om in het Nederlands te antwoorden: “Sorry, maar ik doe niets aan de deur”, om vervolgens kordaat de voordeur te sluiten. In plaats van opgelucht te zijn dat ik mogelijk gevaar had afgewend, voelde het niet goed. Had ik die man te snel beoordeeld op een nors uiterlijk? Meteen fluisterde mijn ego weer wat bemoedigende woorden toe: “grenzen stellen is niet hetzelfde als mensen afwijzen op basis van uiterlijk”.
*) Toen hadden we een insluiper in de tuin, die mij een vakantiehulp-flyer in de handen drukte en wegvluchtte met als smoes dat de Aldi nog werknemers zocht om vervolgens elders in de straat met meer succes in te breken.
Rotgevoel
Het rotgevoel was niet meteen weg. Het voelde als discriminatie, al had ik hetzelfde gedaan bij een Hollandse boerenkinkel met blauwe ogen en blond haar. Toch kwam ik snel tot de conclusie dat ik er een verhaal omheen aan het maken was, en keerde terug naar wat er werkelijk was gebeurd. Mijn ego had mij proberen te behoeden voor een misser die ik eerder heb gemaakt bij deur- en straatverkopers. Eigenlijk heel handig.
Wat maakt nu het verschil met weten wat je essentie is? Vroeger was ik lang blijven hangen in het rotgevoel. Waarschijnlijk aangevuld met schuld en schaamte. Nu was er alleen de observatie van het voorval en het was prima zo. Misschien was de man oprecht en had hij zich beter gevoeld als ik hem in ieder geval zijn woord had laten doen. Misschien ook niet. Daar kom ik nooit achter.
Je hebt je ego echt nodig
Het is een misvatting dat je ego zou moeten verdwijnen. Alsof leven vanuit bewustzijn betekent dat je altijd grenzeloos, open en liefdevol moet reageren. Niet alles wat uit ego voortkomt is gebaseerd op irreële angst en daarmee onwaar of verkeerd. Het verschil zit hem vooral in het kunnen zien wat er daadwerkelijk gebeurt, zonder achteraf meegezogen te worden in zelfveroordeling.
Een ander misverstand is om te denken dat je in essentie toch niet geraakt kunt worden. Waardoor je alles maar roekeloos aangaat, zonder naar je intuïtie te luisteren. Dat heeft weinig met bewust leven te maken. Het is vooral vergeten dat er óók gewoon een fysieke versie van jouzelf bestaat, die soms bescherming nodig heeft.
