Spoedcursus omgaan met nare situaties – deel II
Leestijd: 7 minuten
Dit blog is informatief en niet bedoeld als vervanging voor therapie, doktersbezoek of medicatie.
In het blog ‘Spoedcursus omgaan met nare situaties – deel I’ eindigde ik met gedachten als “had ik maar…”. Als je vorig blog hebt gemist, zou ik dit eerst even lezen. In deel II deel ik de laatste twee tips van de zogenaamde ‘spoedcursus’ en ga ik dieper in op dergelijke gedachten. Ook dit blog is geen vervanging voor professionele hulpverlening. Ik schrijf enkel vanuit eigen ervaring.
Tip 3: primaire emoties zijn prima
Het wil niet zeggen dat ik mezelf nooit heb ondergedompeld in zelfmedelijden. Met name onder invloed van hormonale veranderingen heb ik menig zwelgmomentje met theatraal talent aan de buitenwereld gepresenteerd. Al waren de beste opvoeringen meestal in meer teruggetrokken sferen. Ik herinner mij in een ver verleden eenzame wandelingen en fietstochten over een winderige zeedijk en/of door bossen. En wanneer dat niet mogelijk was, had ik altijd nog mijn slaapkamer als veilig toevluchtsoord voor het uiten van persoonlijk leed. Overigens heb ik het in het laatste geval niet over wekenlange eenzame opsluiting. Mijn emotionele uitspattingen waren doorgaans van korte duur. Zeker toen ik het verschil tussen primaire en secundaire emoties doorkreeg. Een beetje à la Emma Thompson in Love Actually, maar dan minder elegant.
Primaire emoties zijn de eerste reacties naar aanleiding van een specifieke gebeurtenis. Ik ben geen expert, maar ik heb begrepen dat ze van biologisch nut zijn: namelijk het laten ontsnappen van spanning door middel van tranen, boosheid, lachen etc. Mijn partner kan er niet zo goed tegen als iemand emoties laat zien, anders dan lachen althans, maar het schijnt juist gezond te zijn (ik heb het hier over gepast verdriet en redelijke boosheid, niet over irrationele hysterie of agressie).
Een primaire emotie vloeit meestal binnen anderhalve minuut weg. Er zal wellicht nog wat na-ijlen in de vorm van snikken en hikken, maar meer is het niet. Althans, zolang je het niet voedt met nieuwe gedachten. Als een emotie langer duurt dan zo’n 90 seconden, ben je het waarschijnlijk bewust of onbewust in stand aan het houden en dan zijn het secundaire emoties.
Tip 4: geloof je eigen gedachten niet teveel
Secundaire emoties zijn de reacties op gedachten over het initiële voorval. Het zijn doorgaans gedachten van verzet tegen het verleden of angst over de toekomst, ontstaan door een voorval dat in veel gevallen al voorbij is. De vierde tip sluit hier naadloos op aan, want het daadwerkelijke zwelgen, slachtofferschap en andere vormen van lijden ontstaan door deze secundaire emoties*. Dit soort emoties kan lang in stand worden gehouden, zeker zolang je waarde blijft hechten aan steeds nieuwe gedachten.
Het klinkt makkelijk om te zeggen dat je je emoties niet moet voeden met nieuwe gedachten, want je hebt geen invloed op wat je denkt. Gedachten komen op en gaan weer weg, zonder dat je daar iets aan kunt veranderen. Je kunt jezelf echter wel aanleren om ze niet serieus te nemen. Dat doe je door het waarnemen van de denkbeelden die opkomen, zonder ze persoonlijk te maken of vast te houden. Je zult merken dat de gedachtestroom vanzelf vertraagt. In het begin is dat lastig, het vergt training.
Wanneer je merkt dat je je toch vastklampt aan opkomende gedachten, dan toets je ze op waarheid en bewijzen. Vaak wanneer je jezelf gaat afvragen of het onweerlegbaar waar is wat je denkt, kom je al tot de conclusie dat je het niet zeker kunt weten. Zeker niet wat de toekomst betreft; het loopt vaak net iets anders dan je denkt. Wanneer je echter bewijs hebt, kun je jezelf afvragen of het de situatie verandert door er aandacht aan te besteden. Wat is de toegevoegde waarde? Zelfs je voorbereiden op een mogelijk toekomstscenario is nauwelijks van meerwaarde. Tegen de tijd dat een situatie zich daadwerkelijk aandient, kun je immers veel doelgerichter in actie komen.
*Het zit ongetwijfeld complexer in elkaar dan dit, want ik neem de invloed van neurologische chemie niet mee. Ik spreek vooral uit eigen / deels andermans ervaring, maar in dat laatste geval weet ik niet of daar sprake was van persoonlijkheidsstoornissen, depressies of andere psychologische factoren.
Hoe zit het met rouwverwerking?
Er zijn situaties waarin bovenstaande wat gevoelloos overkomt. Rouw is hier een voorbeeld van. Hoewel ik vrij nuchter spreek over het overlijden van mijn zoontje, weet ik dat er bij het verlies van een geliefde sprake kan zijn van langdurig verdriet. Zeker wanneer het een persoonlijke, diepgaande band betreft zoals liefde, naaste verwantschap en/of vriendschap.
Rouwverwerking is een uniek proces. Het zijn golven van primaire emoties, vaak veroorzaakt door een herinnering, geur of muziek, die je aan een geliefd gemist persoon doen denken. Dat is ook precies wat het is: rouw is geen langgerekte emotie, maar een aaneensluiting van momenten van liefde die zich uiten in verdriet (wat ook ook gepaard kan gaan met gelach).
Toch kan er ook bij rouw sprake zijn van secundaire emoties, bijvoorbeeld wanneer er eindeloos antwoord wordt gezocht op een ‘waarom’-vraag of wanneer er ‘schuldigen’ lijken te zijn. Dan wordt rouwen lijden.
Fictieve praktijkvoorbeelden van nare situaties
Om beter uit te leggen hoe dit in de praktijk kan uitpakken, heb ik een aantal scenario’s uitgewerkt. In alle situaties zijn de primaire emoties nuttig (ontlading) en veroorzaken secundaire emoties de daadwerkelijke lijdensweg. Het is niet mijn intentie om iemand te kwetsen. Mocht je je aangesproken voelen, de voorbeelden zijn puur fictief en niet uit mijn leven of dat van iemand uit mijn omgeving gegrepen.
Scenario 1: Het slechtnieuws-bericht
Je krijgt onverwacht slecht nieuws van de arts over je gezondheid.
De primaire emotie:
Je weet aanvankelijk niet wat je moet zeggen, er schiet een golf van schrik en verdriet door je heen.
De opgebouwde spanning moet eruit. Je laat de tranen in de vrije loop. Na verloop van tijd wordt het stiller in je hoofd en lichaam. Er komen praktische vragen in je op en die stel je aan je arts. Naar gelang de informatie die volgt, komt er een nieuwe primaire emotie. Deze cyclus zal zich mogelijk nog een paar keer herhalen.
De secundaire emotie:
De eerste schrik is gedaald, er zijn geen praktische vragen meer en je gedachten nemen het over:
“Waarom overkomt mij dit?”
“Mijn leven is voorbij.”
De emotie laait opnieuw op en blijft ditmaal hangen, steeds weer gevoed door nieuwe gedachten. Niet langer meer door het nieuws zelf, maar door alles wat je eroverheen denkt.
Scenario 2: Ruzie met een collega
Je collega levert in het bijzijn van andere collega’s onterechte kritiek. Het is niet de eerste keer dat je publiekelijk wordt gekleineerd.
De primaire emotie:
Je voelt direct boosheid of gekwetstheid. Misschien reageer je fel of trek je je even terug.
Zonder secundaire emoties kun je je collega aanspreken zoals jij het ervaart: “Je kritiek is volgens mij onterecht, bovendien zou ik het op prijs stellen als je dit de volgende keer onder vier ogen bespreekt.”
De secundaire emotie:
Je voelt je gefrustreerd, zeker omdat je je vernederd voelt. Je gedachten gaan zich opstapelen:
“Hij begrijpt me nooit.”
“Hij zet me altijd opzettelijk voor schut.”
“Ik ben blijkbaar niet belangrijk, ik denk dat hij wil dat ik word ontslagen.”
De oorspronkelijke emotie wordt een groter verhaal en blijft uren of zelfs dagen hangen. Je belandt misschien zelfs in een vicieuze cirkel, doordat je door je onzekerheid steeds slechter gaat presteren.
Scenario 3: Een moment van gemis
Je zet de radio aan en hoort een nummer dat werd gedraaid op de uitvaart van een dierbare.
De primaire emotie:
Je ziet de hele uitvaart weer aan je voorbijgaan en beseft hoeveel je die persoon mist. Je krijgt meteen kippenvel en voelt tranen opwellen: een moment van verdriet en liefde tegelijk. Na een tijdje ebt het weer weg.
De secundaire emotie:
Gedachten nemen het over:
“Het is zo oneerlijk.”
“Waarom moest dit gebeuren?”
“Ik kan hier niet mee leven.”
De pijn wordt zwaarder en blijft langer hangen in een maalstroom van nieuwe gedachten.
Scenario 4: Een klein ongelukje
Je laat je bord vallen en het breekt.
De primaire emotie:
Je schrikt en voelt misschien irritatie omdat je al haast hebt.
Toch blijft het bij: “Oh, oeps” of een krachtterm. Je ruimt het op en gaat verder.
De secundaire emotie:
Terwijl je opruimt, komen er nieuwe gedachten in je op:
“Zie je wel, ik ben altijd zo onhandig.”
“Alles gaat mis vandaag.”
De irritatie groeit uit tot een slecht humeur, waardoor je inderdaad de rest van de dag maar wat blijft klunzen.
leestip:
Mijn eerdere blog over ‘einde aan lijden’, is iets bondiger en informatiever en minder persoonlijk.
