Het bewustzijn
Leestijd: 6 minuten
Via mijn vorige blog ‘Wie ben ik’ heb je als het goed is een poging gedaan om wat lagen van ons zelfbeeld af te pellen. Om vervolgens bijna uit te komen bij wie we als mens in essentie zijn. Bij iedere vraag was de conclusie dat je het onderwerp van je onderzoek kunt waarnemen. Auteur Eckhart Tolle (en velen met hem) trok daaruit weer een nieuwe, logische conclusie. Enerzijds ben je je rollen, je karakter, gedachten, emoties etc. en anderzijds de waarnemer daarvan: je essentie, het bewustzijn.
Maar is dat echt je essentie? En is de waarnemer wel hetzelfde als bewustzijn? Bij ‘waarnemer’ denken we aan een entiteit die zintuigelijk waarneemt. De term ‘bewustzijn’ klinkt voor veel mensen waarschijnlijk veel vager. Misschien zelfs te spiritueel. Het is de vraag of dat terecht is. Maar wat is bewustzijn* eigenlijk en waar zit het?
* Het bewustzijn legde ik eerder uit in het blog Bewustzijnsvormen (oktober 2024). Hierin lichtte ik met name het verschil tussen drie soorten bewustzijn toe, aangezien die vaak door elkaar worden gehaald.
Waar zit ons bewustzijn?
De exacte locatie van het bewustzijn is nog steeds niet wetenschappelijk aangetoond. Lange tijd werd gedacht dat ons bewustzijn op één plek in onze hersenen huisde. Inmiddels zijn ze erachter dat het veel complexer is: het bewustzijn is een samenwerking tussen allerlei neurologische systemen.
Er zijn zelfs wetenschappers en filosofen die onderzoeken of het bewustzijn überhaupt wel ergens in ons lichaam huist. Of dat ons brein eerder een soort ontvanger en vormgever van bewustzijn is, waarbij er sprake is van beperking en vervorming door allerlei neurologische processen.
De bewustzijn-metafoor
We weten dus niet exact waar het bewustzijn zit, hooguit wat men ongeveer met bewustzijn bedoelt. Al zijn de meningen daarover verdeeld. Ik wil wel een poging wagen met behulp van een metafoor. Het grappige is dat we (bijna) allemaal dagelijks een redelijk goede metafoor** in handen hebben. Je zou een mens immers kunnen vergelijken met de smartphone:
- De hardware: het apparaat zelf kun je vergelijken met het lichaam. Je kunt er een nieuw hoesje omheen doen, je kunt het oppoetsen, beschadigen, je kunt het opladen en zelfs de batterij vervangen.
- De apps zijn je rollen: ouder, partner, collega, familielid. Soms verwijder je bepaalde apps, soms update je ze en af en toe voeg je een nieuwe app toe.
- De instellingen zijn de persoonlijke voorkeuren, je gewoontes, emoties. Deze voorkeuren veranderen, soms ook naarmate de app verandert.
- Internetdata die wordt ontvangen zijn vergelijkbaar met de gedachten. Het is niet hetzelfde als de telefoon of de apps, maar het is ook niet hetzelfde als degene die de telefoon gebruikt (dat is immers de waarnemer). Het verschijnt alleen op het toestel, net zoals gedachten in jou verschijnen, maar niet zijn wie jij bent.
Al het bovenstaande is veranderlijk. Zoals je zelf ook verandert: je wordt ouder, kunt ziek worden, sterker worden, van baan wisselen. Gewoontes en voorkeuren veranderen en ook je gedachten komen en gaan. Alles wat verandert, moet ergens verschijnen; anders zou je de verandering niet kunnen opmerken. In de metafoor verschijnt alles uiteindelijk op het scherm van de smartphone. Wat daarop verschijnt, is echter niet hetzelfde als het scherm zelf.
Het veld waarin iets verschijnt
De smartphone-metafoor laat zien dat je in essentie dus niet ‘dat wat verschijnt’ (veranderlijk) bent, maar ‘dat waarin het verschijnt’ (niet‑veranderlijk). Dat komt dicht in de buurt van een filosofische / spirituele benadering van bewustzijn tradities als Advaita Vedanta / non-dualiteit of Dzogchen: het veld waarin het waargenomene opduikt, oftewel ‘het zien zelf’.
Als je het vlakke scherm ziet als dat veld, helpt dat misschien om in te zien dat bewustzijn dat is waar alles zichtbaar wordt. En wat het ook laat zien: het blijft in essentie een onveranderd vlak stuk glas, of je telefoon nu op standby staat, of beelden laat zien. Daarmee is meteen duidelijk dat geen enkele metafoor perfect is: een scherm kan immers breken en dus veranderen en de waarnemer staat hier los van de telefoon, wat metaforisch gezien ook niet klopt (en ook weer wel want de waarnemer is meestal de eigenaar van de telefoon die de instellingen en de apps beheert). Ik heb het ook wel eens vergeleken met een bioscoopscherm waarop beelden verschijnen en verdwijnen, maar daarvoor geldt min of meer hetzelfde. Toch is het in ieder geval beeldender dan ‘een veld waarin iets verschijnt’ en het laat zien dat bewustzijn iets anders is dan een waarnemer als entiteit.
** Geen enkele metafoor is perfect, zo ook deze niet, maar het maakt het idee van bewustzijn iets begrijpelijker.
Bewustzijn in de natuurkunde
Natuurkundige Niels Bohr had overigens een heel eigen kijk op de rol van de waarnemer. Hij zag waarnemen niet als iets dat buiten de natuurkunde staat, maar als een onmisbaar onderdeel van wat er in de kwantumwereld gebeurt. In zijn complementariteitsprincipe laat hij zien dat de manier waarop we meten bepaalt welke eigenschappen zichtbaar worden. Een object heeft dus geen vaste staat los van de waarnemer. De waarneming maakt één van de mogelijke werkelijkheden concreet. In de smartphonemetafoor: jouw apps en instellingen (je karakter, voorkeuren, ervaringen) bepalen welke versie van de werkelijkheid op jouw scherm verschijnt.
Interessant genoeg sluit dit aan bij het werk van een andere natuurkundige: David Bohm. Waar Niels Bohr vooral keek naar hoe waarnemen bepaalt wat zichtbaar wordt, onderzocht David Bohm hoe waarnemen, denken en werkelijkheid met elkaar verweven zijn. Hij zag bewustzijn niet als iets mystieks, maar als een dynamisch proces dat net zo echt is als elk ander natuurkundig fenomeen. Beide benaderingen laten zien dat wat we waarnemen mede wordt gevormd door hoe we waarnemen.
Natuurkunde versus spiritualiteit
Er is dus een duidelijk verschil tussen hoe de natuurkunde en hoe de meer spirituele tradities over bewustzijn spreken. De natuurkunde, vooral de kwantumfysica, zegt niets over wat bewustzijn is of waar het zich bevindt, maar wel iets over wat het doet: waarnemen speelt altijd een rol in hoe de werkelijkheid verschijnt. De waarnemer staat nooit volledig los van wat er wordt waargenomen.
In Wie ben ik nam ik voorlopig de conclusie van Eckhart Tolle over. Oftewel: dat je in essentie de waarnemer en dus bewustzijn bent. Dat lijkt iets anders dan wat de natuurkunde zegt, maar er is een raakvlak: in beide gevallen heeft de waarnemer invloed op wat zichtbaar wordt.
We komen steeds dichterbij, maar toch is ‘de waarnemer’ uiteindelijk niet het volledige antwoord op de vraag wie wij in essentie zijn. Er is nog een laag dieper te gaan.
Vraag 5: ben ik de waarnemer?
Inmiddels is duidelijk wat je niet in essentie bent: je naam, je rollen, je lichaam, je gedachten, je emoties en je herinneringen. Voor wie alles uit vorig blog nieuw is en daardoor maar lastig te bevatten: het vormt natuurlijk wel je identiteit, maar het is niet je essentie. Alles aan jou wat verschijnt, verandert. Daarnaast geldt ook: alles wat verandert, je kunt aanwijzen (zien) en ervaren, ben je niet in essentie. Dus het antwoord op de vraag die al even in de lucht hangt: de waarnemer (als een soort entiteit) verandert misschien niet, maar kun je wel ervaren, dus valt het af als je essentie. Toch wil ik daarmee de zienswijze van Eckhart Tolle niet volledig afwijzen. Hij noemde de waarnemer immers in één adem met bewustzijn. En terecht: zonder waarnemer is er geen bewustzijn en bewustzijn is het veld waarin alles verschijnt, oftewel het zien (waarnemen) zelf.
Om te weten wat je in de diepste kern van je wezen bent, blijft er één filosofisch getinte vraag over om jezelf te stellen:
Kun je het zien zelf, ooit zelf zien?
Het antwoord op deze vraag volgt in het derde en laatste deel: Je essentie.
