De vrijewildiscussie
Leestijd: 6 minuten
Onlangs had ik een discussie over de vrije wil en dat was zeker niet de eerste keer. Wanneer mijn interesse voor non-dualiteit en aanverwante onderwerpen ergens ter sprake komen, zijn de reacties verschillend. Sommigen hebben er wel eens van gehoord, maar hebben er een heel vertekend beeld bij; een soort religie, of iets anders waarin je kunt ‘geloven’ of niet. De reacties lopen uiteen van “die heks met haar rare ideeën”, tot “ik weet ongeveer wat het is, maar ik geloof er niet zo in”. Het is een aantal maal voorgekomen dat de laatste reactie gepaard gaat door iets in de trant van “dat we allemaal één geheel vormen, kan ik nog wel aanvaarden, maar als je gaat beweren dat we geen vrije wil hebben, dan haak ik af”.
Op zich snap ik dergelijke reacties wel. Ik voelde lange tijd zelf ook weerstand. De boeken van Eckhart Tolle vond ik vaag en heb ik vele malen halverwege weggelegd. Zijn beknoptere inspiratiekaarten heb ik weggegeven en later weer opnieuw gekocht toen ik ze wél begreep. Veel andere sprekers vond ik zweverig. Ik kon niets met het ontbreken van een vrije wil, sterker nog: in discussies merk ik nog steeds hoe lastig het is om het tegendeel aan te tonen, de illusie van een keuze hebben is immers oersterk en uiteindelijk hebben we daardoor allemaal gelijk.
Het was destijds mijn nieuwsgierigheid naar toch dat minuscule vleugje herkenning, wat er voor heeft gezorgd dat ik mezelf erin bleef verdiepen. Als ik ergens “nee” tegen zeg, wil ik wel weten of dat echt terecht is. Het werd uiteindelijk een “ja” in de categorie what is seen cannot be unseen.
Miljarden jaar oude machine
Dat een aantal mensen in ieder geval nog wel de eenheid (of eigenlijk ‘geen tweeheid’) van alles moeiteloos erkent, is op zich logisch. We kunnen niet ontkennen dat we samen met alles om ons heen functioneren als radertjes in een machine of als cellen in een lichaam. Of dit nou goed- of slechtlopende exemplaren betreft, doet er voor het verhaal niet toe. En dat al miljarden jaren met dezelfde bouwstenen: quarks, subatomaire deeltjes, atomen en moleculen (zie: wet van behoud van massa, die geldt voor het hele universum).
Het water dat vandaag bij ons uit de kraan komt, vloeide ooit door dinosauriër-magen. Iedere cel in jouw lichaam was ooit wat anders en zal na jouw overlijden transformeren, maar niet verloren gaan. Je kunt daar lang over nadenken, maar de uitkomst is hetzelfde.
“We are made of star stuff” – Carl Sagan (astronoom)
Toch ervaren wij onszelf als afgescheiden individu, unieke wezens, los van alles en iedereen. Het lijkt daarbij alsof je zelf de hoofdrolspeler, scenarioschrijver én producer van je eigen film bent. In werkelijkheid volg je een script dat is ontstaan door genetische aanleg, ervaringen en prikkels waarop jouw brein automatisch reageert. De ik-illusie schept de ervaring van schrijver, terwijl jij in wezen het witte doek bent waarop het verhaal vanzelf verschijnt.
Onze vrije wil onderscheidt ons toch van dieren?
Wat vaak als argument voor een vrije wil wordt aangehaald, is dat het ons onderscheidt van dieren: wij hebben controle over onze – volledig bewust gemaakte – keuzes, terwijl dieren slechts intentioneel handelen, zij streven doelen achterna. Het is nog niet eens zo’n slecht argument. De meeste diersoorten hebben immers geen zelfbewustzijn, wij als mens wel.
Toch is ons ik-besef niet de oorzaak van kunnen kiezen, het is de oorzaak van het gevoel te kunnen kiezen. Onze keuzes komen op dezelfde manier tot stand als bij dieren, alleen hebben wij dankzij ons zelfbewustzijn een commentator in ons hoofd die de keuzes van begeleidende gedachten voorziet. Het is geen controle: het is de illusie van controle.
Er is geen denker of besluiter
In de laatste discussie kreeg ik een begrijpelijk argument: “Je kunt me een boel vertellen, maar ik heb toch echt zélf besloten naar jou toe te gaan vandaag.” Een ogenschijnlijk terechte gedachte, maar gedachten of besluiten worden niet door ons gemaakt of gedaan, ze verschijnen. De afzender bestaat uit tijdelijke patronen van neurologische activiteit in het brein. Oftewel razendsnelle reacties en voorspellingen op omstandigheden, herinneringen, emoties en prikkels die het bewustzijn binnenkomen en zich vervolgens via jouw taal en innerlijke ‘verhaallijn’ presenteren als iets dat door jou wordt gedacht.
Dat lijkt bedrieglijk veel op een keuze van jezelf, maar in werkelijkheid is het een continu proces van oorzaken en gevolgen. Dat jij de maker zou zijn van de gedachte, is slechts een innerlijke presentatie en interpretatie. Er zit geen denker in jou, zoals er ook geen ademer in jou zit. Je ademt dankzij neurologische prikkels (o.a. aangestuurd door het zuurstof- en koolstofdioxidegehalte in je bloed) en dat vinden we allemaal heel normaal, waarom vinden we het dan zo lastig te bevatten dat onze gedachten ook maar gewoon gebeuren?
Prikkels en patronen
In het blog ‘de vrije wil’ van januari 2025, heb ik het uitgelegd aan de hand van een voorbeeld uit mijn dagelijkse manier van functioneren. Nu heb ik een ADD-diagnose, maar ik weet zeker dat het ook bij anderen de hele dag door voorkomt iets te ‘besluiten’ waarna de uitkomst net even anders is. Dan zijn we afgeleid door interne of externe factoren of is er iets anders wat de intenties verstoort.
Natuurlijk gebeurt er genoeg wat we echt doen omdat we het willen, maar dan blijft nog steeds de vraag waar de wensgedachte vandaan komt. Zoals in de vorige alinea al beschreven: de oorzaak van gedachten ligt buiten de imaginaire ‘ik’. Het zijn voornamelijk externe factoren die je op het punt brengen van de wens en de daaropvolgende aannemelijke handelingen om de wens uit te laten komen. Hoeveel invloed heb jij gehad op die externe factoren? Zelfs de ogenschijnlijk eenvoudige wens om koffie te zetten zoals in het voorbeeld van de eerdere vrije-wil-blog, ontstaat door prikkels en patronen/conditionering — geur, gewoonte, vermoeidheid, dorst, herinnering aan eerdere voldoening, enzovoort. Zodra je dit doorziet, verdwijnt de illusie van een onafhankelijke wil vanzelf.
Geen fatalisme
Dit gedachtegoed neigt misschien wat naar fatalisme, dat uitgaat van het idee dat alles door het lot wordt bepaald. Het verschil tussen fatalisme en het doorzien van de illusie van een vrije wil, is dat je niet passief wordt. Je blijft net zo functioneren als voorheen. Linda de Roos legt dit in haar korte column aan de hand van een zeer actueel onderwerp heel mooi uit: hoe komt onze politieke voorkeur tot stand?
Je doet nog steeds de dingen zoals je altijd doet. De enige verschuiving is dat het persoonlijke eigenaarschap verdwijnt en daarmee ook de last van schuld, schaamte of trots die eraan vastzit. Het inzien dat we geen vrije wil en controle hebben, maakt het leven lichter en luchtiger. Want wat betekent schuld als er geen keuzevrijheid is? Misschien is dat precies waar echte vrijheid begint.
(zie ook mijn vorige blog over Ho’oponopono en schuld).
Leestip:

Marinus, een vriend van mij zei altijd, ik ben benieuwd wat ik ga kiezen. Maar je hebt het weer eens prachtig uitgezocht en beschreven. Voor mij klinkt het grappig dat ‘ik geloof er niet in’ terwijl dat geloven precies datgene is wat we continu de hele dag doen, het geloven in een ik. Er valt namelijk te ont’dekken dat het ‘ik’ niet is te vinden wanneer je er naar op zoek gaat. Eenmaal bekend met die omstandigheid blijkt dat we dus geloven te bestaan, dat is dus precies omgekeerd. Maar tot dat onderzoek krijg je maar weinig mensen enthousiast. We geloven liever dan dat we de waarheid onder ogen willen zien. Het gaat toch ook lekker zo.